'Werk in uitvoering' noemt de componist Simeon
ten Holt zijn composities waarin de musici tijdens de uitvoering zelf kunnen
bepalen hoe vaak ze een thema herhalen en met welke dynamiek ze
spelen.'Lemniscaat' is zo'n werk. Het wordt vrijdagavond door het Lambermont
Ensemble gespeeld in het Industrion in Kerkrade.
Simeon ten Holt: de tijd in noten stilgezet
Lei Coopmans
MUZIEK - Foutloos rijdt Simeon ten Holt me van zijn huisje in het
Noord-Hollandse Bergen naar het station in Alkmaar. Autorijden gaat de bijna
tachtigjarige nog heel goed af. Maar met componeren lijkt het gedaan. Al twee
jaar heeft hij geen noot geschreven. "Het is alsof de muze mijn huis niet
meer weet te vinden.'
Erom treuren kan Ten Holt niet. "Nee, het maakt me juist veel meer
ontspannen. Voor mijn omgeving ben ik de laatste twee jaar een aangenamer en
vriendelijker mens dan toen ik nog veroordeeld was tot het componeren. Ja, ik
kan alleen maken waartoe ik ben veroordeeld. Zomaar een stuk maken in opdracht
heb ik nooit gekund. Met een variant op de uitspraak van Harry Mulisch zeg ik:
mijn stukken schrijven zichzelf. En toch is het hard werken. Dagenlang aan de
piano zitten te spelen zonder dat er zich iets voordoet. En dan opeens, na een
week, dient zich de oplossing aan. Daar is die hele week werken wel voor nodig
geweest. Maar nu duurt de stilte al twee jaar. Misschien ben ik nu wel klaar,
heb ik alles gezegd in muziek wat ik te zeggen heb. En wie niks meer te zeggen
heeft moet zwijgen.'
Een beetje teleurstellend is het wel. Eindelijk heb ik de kans de componist te
spreken wiens muziek me al jaren ontroert en intrigeert en dan verkeert hij
"in een fase van mijn leven dat ik afscheid moet nemen van veroordeeld te
zijn tot het componeren'. Vriendelijk blijft hij zijn antwoorden formuleren op
mijn vragen, maar tegelijk is er een zekere afstandelijkheid. Terwijl ik
beschrijf wat er met me gebeurt bij het luisteren naar zijn muziek, zegt hij:
"Grappig is dat. U spreekt voor mij over een periode waar ik ben uitgestapt.'
Simeon ten Holt is als componist in de Nederlandse muziekwereld vooral bekend
geworden door zijn werk Canto Ostinato, dat in 1979 in première ging. Een
revolutie destijds. Het is een stuk met een pulserend ritme, met eindeloze
herhalingen van muzikale patronen en akkoorden waarin langzaam nieuwe elementen
insluipen. Een ander kenmerk is de grote interpretatievrijheid. Canto Ostinato
en ook latere werken als Lemniscaat, Horizon en Soloduivelsdans kunnen door een,
twee, vier of zelfs tien pianisten worden uitgevoerd.
De spelers krijgen een draaiboek met muzikale bouwstenen en bouwen daarmee op
het moment van de uitvoering een geheel oorspronkelijk muziekwerk. Ze kunnen een
zo'n bouwsteen net zo vaak herhalen als ze willen en er bovendien hun eigen
dynamiek aan meegeven. Zo'n uitvoering is dan ook niet alleen een luisterspel,
maar tegelijk een fascinerend kijkspel, een muzikaal ritueel, dat anderhalf uur
kan duren, maar ook dertig uur, zoals de première van Lemniscaat. De pianisten
moeten goed op elkaar letten, elkaar signalen geven, beurtelings de leidende
partij op zich nemen, op elkaar reageren. Ten Holt noemt dat "de
rotondementaliteit. Het is een sociaal proces, een werk in uitvoering. Als je
niet meebeweegt met je omgeving gaat het fout. Echte solisten spelen mijn
stukken daarom niet graag, die willen hun eigen weg gaan.'
In zijn fanpost bewaart Ten Holt brieven van mensen die hem schrijven dat ze nog
nooit zó door muziek zijn gegrepen als door zijn Canto Ostinato. "Ook hoor
ik mensen zeggen dat ze mijn werk meditatief vinden, of dat het ze in trance
brengt. Daar ben ik verbaasd over. Ik heb dat niet nagestreefd, alleen de noten
opgeschreven die ik moest
schrijven. Maar net zoals de mens meer is dan de optelsom van zijn ledematen en
organen, zo is muziek ook meer dan een stel noten achter elkaar. Hoe dat komt,
ik kan het niet verklaren. Het enige is, dat ik muziek probeer te maken die
beantwoordt aan mijn innerlijke toestand en dat ik zoek naar iets wat met het
wezen van de mens te
maken heeft.'
"In Lemniscaat bijvoorbeeld, daarin probeer ik de tijd stil te zetten. Tijd
is de ervaring van oorzaak en gevolg. Ik probeer in Lemniscaat oorzaak en gevolg
uit elkaar te halen zodat de tijd vanzelf stilstaat. Of het waar is? Tuurlijk is
het een theoretische benadering en gaat het erom hoe je de tijd tijdens zo'n
stuk ervaart, maar het is het zoeken waard.'
Al in zijn vroege jeugd wist Simeon Ten Holt dat hij moest gaan componeren.
"Ik heb daar nooit aan getwijfeld. Of ik talent heb, weet ik niet, maar ik
heb wel een sterke wil en volharding. Zelfs in de moeilijkste tijden ben ik op
mijn plaats gebleven. Mijn dag komt nog wel, dacht ik dan. Ik heb nooit iets
gauw-gauw gedaan. Het is ook pas
sinds Canto Ostinato dat ik als componist meetel, terwijl ik daarvoor toch al
veertig jaar muziek geschreven had. En nu, nu groeit die belangstelling al
twintig jaar lang gestaag. Zelfs tot in Peru. Ook al heb ik nooit promotie
gedaan. Mijn werk zoekt zichzelf een weg over de wereld, net zoals de muziek
zich een weg heeft gezocht naar mij. Die weerklank, ja dat geeft een goed gevoel.'
De uitvoering van Lemniscaat, vrijdagavond in het Industrion-in Kerkrade, begint
om 20.30 uur -en duurt anderhalf uur. woensdag 28 augustus 2002