De Gelderlander 15-06-2001
Van wanorde naar orde
Door Marjolijn Sengers
15 juni 2001, Componist Simeon ten
Holt wordt niet graag toegejuicht, dat vindt hij gęnant. Vandaag zal hij het
toch één keer moeten ondergaan. Dan wordt hem in Muziekcentrum Vredenburg in
Utrecht een gouden cd uitgereikt. 'Canto Ostinato', in een uitvoering van Polo
de Haas en Kees Wieringa, ging 15.000 keer over de toonbank. Tijd voor een
feestje. Struikrover Gebruiksaanwijzing Meerwaarde
Muziekcentrum Vredenburg is een beetje zíjn zaal. Veel muziek van hem werd daar
door de jaren heen, in verschillende samenstellingen gespeeld. In '91 waren er
maar liefst vijf donderdagavondconcerten gewijd aan zijn werk, zijn werk van na
1975 welteverstaan. Canto Ostinato, Lemniscaat, Méandre, Horizon en Incantatie,
het zijn werken die bij een groot publiek de verbeelding op gang brengen.
'Ik luister elke dag naar uw muziek', krijgt Simeon ten Holt (78) wel eens te
horen. Er werden scripties over zijn werk gemaakt en beeldhouwers lieten zich
door zijn werk inspireren. Hij wordt wel omschreven als de filosoof onder de
componisten.
Helemaal begrijpen doet hij het niet. Aanvankelijk beschrijft hij zijn muziek
met vage woorden als archetypisch en tonaal, later in het gesprek noemt hij
termen als ritueel en emotionele meerwaarde. "Vóór 1975 componeerde ik
muziek die aan de schrijftafel ontstond. Bedácht ik muziek, moet ik eigenlijk
zeggen. Innerlijk was ik er helemaal niet mee verbonden. Ik schreef abstracte
muziek zonder emotie, ik groeide als musicus van mezelf, van mijn eigen
creativiteit weg. Ik zat op een doodlopende weg. Door uiteindelijk de emotie
weer toe te laten en weer voor harmonie en tonaliteit te kiezen kwam de muziek
die ik nu maak en kon ik verder."
Zijn muzikale ontwikkeling ('ik heb alles onderzocht, van heel oud tot nu toe')
liep redelijk synchroon met zijn persoonlijke. "Ik leefde als een
struikrover, elke zeven jaar was mijn leven anders. Ik heb een avontuurlijk
leven gehad. Ik heb overal en nergens gewoond en gewerkt, ben altijd een
buitenstaander en een Einzelgänger geweest. Was er geld, dan was het er, was
het er niet, dan niet. Pas op m'n vijfenveertigste heb ik een 'nette' baan als
muziekleraar aan het Arnhemse conservatorium geaccepteerd."
Hij woont al weer jaren in het Noord-Hollandse Bergen, zijn geboorteplaats, in
een mooi, piepklein, comfortabel verbouwd eenkamerboerderijtje waar hij leeft,
werkt en slaapt. Hij komt rond van een aow-uitkering, aangevuld met de
auteursrechten van zijn veel verkochte cd's.
Hij is aardiger en socialer geworden, vindt hij zelf. Kookt voor mensen, schenkt
een borrel, wijdt zich nu ook aan bijzaken waar hij zich vroeger alleen met de
hoofdzaken wilde bezighouden. "Ik was verslaafd aan mijn werk, dat drukte
op me. Dat is over. Wat wel blijft is het gevoel dat ik, net als een boer, een
bestaan heb en geen professie. M'n bestaan is m'n leven. Soms sta ik midden in
de nacht op om een idee uit te werken zoals een boer opstaat als een koe ziek
is." Hij heeft een groot vertrouwen in de voorzienigheid. "De
voorzienigheid is altijd goed voor me geweest. Als ik iets nodig had kwam het er."
Simeon ten Holt studeerde piano en muziektheorie bij Jacob van Domselaer in
Bergen, daarna compositie bij Honegger en Milhaud. Tijdens zijn
'struikrover'-periode experimenteerde hij met tonaliteit, met de
diagonaalgedachte, met serialisme en surrealisme, bestudeerde hij de fysica van
de muziek en verdiepte hij zich in elektronische muziek.
Een van de eerste werken na de omslag halverwege de jaren zeventig was Canto
Ostinato, een werk voor één of meerdere toetsinstrumenten, waarin klankkleur
en ruimte een grote rol spelen. Canto Ostinato is al jaren 'in' bij jong en oud,
bij de actieve en de passieve muziekbeoefenaar.
Canto Ostinato is, zoals alle daar van afgeleide werken van Ten Holt, een werk
met een gebruiksaanwijzing. Die geeft Ten Holt er in de partituur dan ook
uitvoerig bij: 'Canto Ostinato is ontsprongen aan een traditionele bron, is
tonaal en maakt gebruik van functionele harmonieën die zijn gevoegd naar de
regels van de harmonieleer, de wetten van oorzaak en gevolg, spanning en
ontspanning.'
Hij gebruikt termen als sectie, akkoordengroepen en kettingstructuur. En: 'Tijd
wordt de ruimte waarin het repeterende muzikale object gaat zweven; de componist
verwijst met wat hij heeft opgeschreven naar een grens waarachter niemand,
hijzelf dus ook niet, weet wat er is of kan worden.' Met andere woorden: 'Men
wentelt en keert het in de tijdruimte zwevende muzikale ding en zoekt de
verschillende posities ten opzichte van het licht'.
Uitvoerenden worden geacht de eigen partij en het samengaan daarvan met die van
andere spelers terdege voor te bereiden; 'De groei en het uitkristalliseren van
de interpretatie vormen een proces', schrijft Simeon ten Holt.
Het proces van Canto Ostinato, de gang van de wanorde naar orde, kan alleen maar
tot stand komen als er nauw wordt samengewerkt. Canto Ostinato heeft dan ook een
sociaal aspect; dat draait om het vinden van elkaar via overleggen, luisteren,
uitproberen en keuzes maken, met als uiteindelijk doel het laten vrijkomen van
de emotie, van de 'meerwaarde'.
"Sommige mensen omschrijven mijn werk als mininale muziek of zelfs New
Age-muziek. Met die eerste term heb ik niet zo'n moeite, hoewel ik vind dat er
in mijn muziek meer gebeurt dan in de minimale muziek. Met New-Age muziek voel
ik met niet verwant, die term wordt er vaak op geplakt door mensen die niet echt
de moeite nemen te luisteren. Wat ze me aansmeren moeten ze zelf weten. Ik maak
wat ik van binnenuit moet maken."
Simeon ten Holt
- krijgt vanavond om in Muziekcentrum Vredenburg te Utrecht de gouden cd van
'Canto Ostinato' uitgereikt. Tevens wordt 'Canto Ostinato' live uitgevoerd door
Polo de Haas en Kees Wieringa (piano).